|
Pavese
De horizon zwalkt
als een dronkenlap,
wappert als een vaandel
tussen strand en stad.
Vlak onder dat strak
geordende raster
slingert een loden band
als een pad over de heuvels
dat de loopafstand meet
in ruimte, tijd en zweet,
hemelsbreed, dwars
door wijngaarden, tuinen.
Er zijn ook wegen
begaanbaar tussen wegen,
bepaal daarom je richting
op het gerinkel van glazen,
een gitaar, een klaterend
lachende vrouwenstem.
En die ontwijken. Blijf trouw
aan wie je trouw gezworen heeft.
Zo zagen
wij vroeger
foto's
opkomen
in de kalme
golfslag
van het
roodbeschenen water.
Maar nu
omgekeerd:
in het
inktzwart
worden
donkergrijze
lijnen
zichtbaar,
een
oplichtend vlak.
De contouren
van een dak.
En even
later het waas
van de
najaarsmist
die het
licht inleidt
en
verstrooit als sproeiwater
aan het eind
van een
droge
zomerdag.
Zicht dat
niet wil
worden
bevrijd.
Dat niet
meer kleur
toestaat dan
tinten.
Honger
De zon
ging onder
boven de
kale razernij
van mijn
geboortestad.
Schemering
sneed
een
mesdunne sikkel
in het
verlopend blauw.
Mijn maag
en mijn hart
hongerden
naar voedsel,
dus dacht
ik aan jou
en ik
leed. Ik kocht
koude kip
die ik at
met
uitzicht op de stad
in mijn
donkere cockpit.
Het
vliegveld was kaal en
verlaten
als een schoolgebouw
op
zondagmiddag.
De meccano
hangars
zonden
telegraafsignalen.
|
Piero
Licht dringt door de kieren
van dit geschilderde toneel.
Panelen raken aan elkaar
als elektrisch geladen polen,
knetterend en smeulend,
zwartgerand. Wij geloven
in de beschilderde tent
die als gebouw is neergezet,
het gewicht van haar zuilen
in transparant pigment.
Til mijn arm op, beweeg
hem in de juiste stand.
Rol golven in mijn kleed,
verplaats mijn voet tot
we de meest volmaakte
houding vinden tot elkaar,
de afstand tot de randen.
Het weefsel dat ons aan
de horizon verbindt. De zon.
Het onveranderlijke licht.
Antonello da Messina
Koelte die door brede
muren
van marmer en kalksteen
angstvallig wordt bewaakt
omringt ons. Wij bevinden ons
in het hart van de berg
Moeizaam gezaagd, gestapeld en vervoerd
bewaart het steen diep van binnen
herinneringen aan een
voormenselijk bestaan
Het heeft zijn aard van koele
onverzettelijkheid behouden.
Het heeft zijn gewicht niet prijsgegeven
aan de rozet, het kapiteel, de architraaf
waarin het is getransformeerd.
In dit huis van God woont een berg.
In deze berg huist de schepping.
Korenmarkt
voor Renee
Zit, kijk om je heen.
Neem dit tafereel in je op.
Graafmachines krabben
jankend en schokschouderend
de afgespannen aarde open.
Boven wordt de tijd gespeeld.
Namiddagzonlicht brand-
schildert kademuur en
kerktoren in zandsteengeel.
Hef je glas, luister. Besef
wat hier gebeurt. Wees stil.
Elk woord verstoort dit beeld
(schrijf!).
|
Rilke
Geen trilling aan de horizon,
geen vogel die de lijnen snijdt.
Geen grijsblauwe helling die er nooit was
en die er ooit niet zal zijn.
In goed vertrouwen heb ik het pad
gevolgd dat me naar deze uithoek
heeft gebracht.
En nu ik uitkijk
over deze bewegingsloze vlakte
en tevergeefs op een teken wacht,
een uitgeworpen lijn, een
bevestiging dat ik hier moet zijn,
wordt elke stap met terugwerkende kracht
in twijfel getrokken.
Kan elke afslag
achteraf de verkeerde zijn geweest.
Nooit was een ruimte zo leeg,
zo verwachtingsvol als deze
weken, waar door ik dwaal
als een slaapwandelaar. Klaar
en bereid te worden overvallen
door hen wier aanwezigheid
ik eerder vermoed dan voel.
Fruit
voor een zieke
Stel je de bloem voor
die ik je sturen zou,
gewikkeld in doorzichtig folie
met gekleurde opgekrulde lintjes,
de papieren zak handperen,
het mandje gesorteerd fruit
op een bedje van stro,
het blikje ananas en de fles jus.
Proef liever de woorden:
carambola, zoete kers,
japanse wijnbes,
grootvruchtige sierkwee,
Lambertsnoot, gele
kornoelje, pawpaw,
wolmispel, persimmoen,
Reinette de Flandres,
Josephine de Malines.
Bekijk ze op kleur, weeg
hun schoonheid in je hand,
draai ze voorzichtig om
en spreek ze langzaam
hardop voor je uit. Keer op keer
als een bezwerende
formule tot je hart
en longen ervan opengaan.
|