|
In dit soort steden
voor Adam Z.
In dit soort steden dringt
licht niet of nauwelijks door:
het verleden hangt als een zware
dode man over de straten.
Ieder huis een murw geslagen
bokser, onherstelbaar gehavend.
Bomen herinneren zich de tijd
dat mensen hier gelukkig waren.
Maar wat is een geheugen waard
dat meebuigt en opveert
met elke orkaan, bij elke
warme, weldadige, windstille dag?
De geschiedenis van deze steden
is onderhuids getatoeëerd.
Duisternis ligt onuitwisbaar
in ieder van ons opgeslagen.
|
Nachtelijk
bezoek II
De hele avond
op een feest gezeten
in dezelfde stoel,
en af en toe wat van
de barbecue geproefd
Het bleef lang lekker,
een zwoele avond.
Het koelde maar niet af.
Naast jou in bed gekropen
en meteen in slaap
gevallen, onbedekt.
God weet hoeveel later
door de hitte en het zweet
gewekt. Boven op jou,
zwart,
lag een vrouw.
Ze hield je vast, liep
zowat naadloos in je over.
Met bonkend hart
tastte ik langzaam
naar haar arm
maar tastte mis.
Toen ik wat beter zag
en wilde weten wie
ze was
verdween de vrouw
en loste op in jou.
Je draaide rustig
van me weg, je rug
zacht glanzend
als gewreven hout.
|
Bezoek aan een goede vriendin
Het is zo’n middag
waarop buien onverwacht
als een pistoolschot
het licht aan flarden
schieten,
roffelend op het serredak,
of regen eentonig en langdurig
vet en lui uit de hemel
druipt.
De tafel een bleke maan.
Je schenkt een Japanse
single malt. Ongekend rijk
van smaak. Behoeft geen water.
Waarom komen onze gesprekken
vaak uit bij Pavese
op middagen als deze,
bij een goed glas whisky?
Wij hebben gewerkt, maar
het leed van alle mensen
niet gedeeld. Wat hebben
wij
de mensheid gegeven.
Dode schrijvers op tafel.
Sebald, McCullers, Carver,
Whitman, Bishop, Moore.
De dood is al langs geweest
en zal nog vaker komen. Wiens
ogen zal hij dit keer hebben.
|